Invloed op rijden

Je reageert trager

Alcohol heeft een verdovende werking op de hersenen. Hierdoor reageert iemand die alcohol heeft gedronken trager dan normaal. De controle over de been- en armspieren gaat ook achteruit. In situaties waarbij je snel op de rem moet trappen of plotseling aan het stuur moet trekken, reageer je al gauw te laat.

Een voorbeeld: je rijdt 80 kilometer per uur (= 22 meter per seconde), je hebt 3 of 4 glazen bier gedronken en je reageert daardoor een halve seconde langzamer. Als je dan plotseling moet remmen, betekent dit dat je 11 meter méér afstand nodig hebt om tot stilstand te komen dan in nuchtere toestand.

Je ziet minder

Na alcoholgebruik heb je de neiging om recht vooruit te kijken, alsof je in een tunnel zit. Veel van wat er links en rechts van je gebeurt zie je daardoor niet of minder goed. Zo zie je plotseling overstekende voetgangers al gauw te laat.

Wat ook moeilijk gaat is de aandacht verdelen over alles wat je ziet. Je moet in het verkeer op veel dingen tegelijk letten en dat kun je niet goed meer als je gedronken hebt.

Je concentreert je slechter

Alcohol maakt suf en vermindert je concentratie. In de praktijk blijkt dat concentratieverlies vooral gevaarlijk is als er weinig verkeer is en je het gevoel hebt dat er niet veel mis kan gaan. Het gevolg is 'onbegrijpelijke' ongevallen: een auto die op een stille weg in een flauwe bocht tegen een boom rijdt.