Testen op het werk

Bij vermoeden van alcoholgebruik voor of tijdens het werk is het mogelijk een werknemer een onafhankelijke alcoholtest aan te bieden om zichzelf vrij te pleiten. Ook kan een test ingezet worden om alle medewerkers ‘preventief’ te testen op alcoholgebruik. Bijvoorbeeld als de veiligheid in het geding is (bijvoorbeeld bij piloten).

Soorten testen

Het gebruik van alcohol is aan te tonen door de adem, de urine of het bloed van een medewerker te onderzoeken. Alhoewel een bloedtest en urinetest betrouwbaar zijn, hebben zij als nadeel dat het enige tijd duurt voor de resultaten bekend zijn.

De ademtest,  afhankelijk van het gebruikte apparaat ook een betrouwbare meting, geeft direct resultaat en is gemakkelijk door iedereen af te nemen. Dit maakt de ademtest geschikt voor routinecontroles en voor het bevestigen of ontkrachten van vermoedens.

Waar moet een test aan voldoen?

  • Testpersoon moet vrijwillig toestemmen
    Een alcoholtest is te beschouwen als een medische ingreep, waarvoor de vrijwillige en geïnformeerde toestemming – ‘informed consent’ – van de werknemer nodig is. Hier mag slechts in uitzonderlijke situaties van worden afgeweken, bijvoorbeeld zoals het voor piloten geregeld is in de Wet Luchtvaart.  Bij een bloedafname maakt een alcoholtest tevens inbreuk op de lichamelijke integriteit (Grondwet, Art. 11).
  • Werkgever én OR moeten toestemmen
    Het testen op alcohol is alleen toegestaan als de werkgever en de Ondernemingsraad dit noodzakelijk vinden en als de maatregel in verhouding staat tot het risico. De risico’s van alcoholgebruik verschillen van bedrijf tot bedrijf en zouden uit de Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) moeten volgen (Arbowet, Art. 3 en 5 en RI&E). Een alcoholtestprogramma op de werkplek kan pas van start gaan als de werkgever en de ondernemingsraad overeenstemming hebben bereikt, zoals geregeld in de Wet op de ondernemingsraden.
  • Test moet plaatsvinden op grond van Arbeidsgezondheidskundige indicatie
    De vraag wie de ademtest moet afnemen, zorgt met name bij bedrijfsartsen voor veel discussie. Het testen moet in ieder geval volgens de beroepsorganisatie voor bedrijfsartsen (NVAB) plaatsvinden op grond van een arbeidsgezondheidkundige indicatie.
  • Alle medewerkers moeten bekend zijn met alcoholbeleid
    Ook moet het bedrijf een alcoholbeleid hebben dat bij de medewerkers bekend is. Hierin zijn het verbod op alcohol, het tijdstip van de controles, de redenen ervoor en de consequenties vastgelegd. Zo kan een test steekproefsgewijs plaatsvinden of als een gerichte controle bij een vermoeden dat iemand gebruikt. De beoordelingscriteria van de testresultaten moeten vastliggen, en de onderzoeksmethode moet zo weinig mogelijk belastend zijn. Een werknemer laat zich vrijwillig testen, heeft de mogelijkheid voor een contra-expertise en krijgt het resultaat als eerste te horen.
  • Testbeleid geldt voor alle medewerkers
    Het testbeleid geldt voor iedere medewerker. Maar in de praktijk gaat het met name om productiepersoneel waarbij verkeerd handelen grote gevolgen heeft voor henzelf en de omgeving.