Home > Voor wie > Ouders: alcohol en opvoeding > Cijfers
Cijfers
Dalende trend in alcoholgebruik: geen reden tot tevredenheid
De inspanningen van de laatste jaren om jongeren en hun ouders te doen inzien dat alcohol voor het 16e levensjaar schadelijk is, lijken vruchten af te werpen. Vergeleken met 2003 is er een dalende trend te zien in het alcoholgebruik, zowel ooit in het leven als in de afgelopen maand. In 2009 blijkt 66 procent van de jongeren ooit alcohol te hebben gedronken, terwijl dit in 2003 nog 84 procent was. Voor het gebruik in de afgelopen maand zijn die cijfers respectievelijk 37 en 55 procent. Een forse daling dus. Per meetmoment zien we deze daling doorzetten.
Is er reden tot tevredenheid?
Het antwoord is nee, omdat jongeren áls ze drinken toch nog veel drinken en we hierin geen dalende trend bespeuren. Nog altijd drinkt van de recente drinkers twee derde te veel in de afgelopen maand. Dit is gemeten met het zogenaamde binge drinking: het drinken van vijf of meer glazen bij één gelegenheid. En van de recente drinkers drinkt zelfs 9 procent veel te veel in het weekend (meer dan tien glazen). Bovendien kunnen we concluderen dat jongeren op 15- en 16-jarige leeftijd even vaak en evenveel drinken als hun leeftijdgenoten een aantal jaren geleden. Jongeren lijken hiermee een inhaalslag te maken.
Onderzoekers zijn het er steeds meer over eens dat alcohol op jonge leeftijd (ten minste vóór het 16e jaar) schade aan de hersenen kan aanrichten en tot verslaving op latere leeftijd kan leiden. Ook het beeld van jongeren die veel alcohol consumeren, blijft onverminderd bestaan.
Hoeveel en hoe vaak drinken jongeren?
In groep 8 van het basisonderwijs heeft bijna één op de drie scholieren al ooit eens alcohol gedronken, jongens vaker dan meisjes. Een kleine groep (5%) rapporteert ook in de afgelopen maand gedronken te hebben. Dronkenschap komt op deze leeftijd nog nauwelijks voor (1,5%), maar wel vaker bij jongens (niet significant). In het voortgezet onderwijs blijkt alcohol al snel door een grotere groep te worden gebruikt, ruim tweederde van de totale groep scholieren tot en met 16 jaar heeft ooit alcohol gedronken. Ruim een derde heeft ook de laatste maand gedronken en één op de vijf jongeren is ooit dronken geweest. Hoewel de leerlingen in de eerste klas van het voortgezet onderwijs nog niet vaak hebben geëxperimenteerd met alcohol, stijgt dit aandeel snel met de leeftijd. Vier op de tien 12-jarigen heeft ooit gedronken, voor 13-jarigen is dat al de helft en op 16-jarige leeftijd de overgrote meerderheid (85%). Een soortgelijke stijging vinden we voor het drinken van alcohol in de afgelopen maand: respectievelijk 10, 20 en 71 procent van de 12-, 13- en 16-jarigen heeft in de afgelopen maand gedronken (niet in tabel). Voor dronkenschap is deze snelle stijging zichtbaar vanaf 14-jarige leeftijd. Bijna de helft van de 16-jarigen is wel eens dronken geweest.
Het is niet alleen interessant om naar de omvang van het alcoholgebruik van jongeren te kijken, maar ook om het drinkpatroon te bestuderen van hen die de laatste maand alcohol gedronken. Van deze groep recente drinkers in het basisonderwijs is 6 procent ook dronken geweest in de laatste maand. Onder de scholieren in het voortgezet onderwijs is dit bijna een kwart, jongens evenveel als meisjes. Alleen in het voortgezet onderwijs is gevraagd naar het aantal keren dat scholieren in de afgelopen maand bij één gelegenheid vijf of meer alcoholische drankjes hebben gedronken. Dit zogenaamde binge drinking geldt in het algemeen als een vorm van overmatig en schadelijk alcoholgebruik.
Maar liefst tweederde van de groep ‘laatste maand gebruikers' in het voortgezet onderwijs geeft aan zich hieraan schuldig te hebben gemaakt.
Door te vragen naar het aantal glazen dat er op een weekenddag wordt genuttigd, kon een nóg extremere vorm van alcoholinname worden gemeten. 12 procent van de jongens en 7 procent van de meisjes die de laatste maand hebben gedronken, vermeldt dat ze meer dan tien glazen op een weekenddag drinken. Deze mate van alcoholgebruik kan worden opgevat als zeer schadelijk.
Onder indrinken wordt het fenomeen verstaan waarbij jongeren vóór het uitgaan thuis of op straat alcohol drinken om alvast een beetje aangeschoten te worden. Bijna vier op de tien jongeren die recent hebben gedronken doen dit.
Wat drinken jongeren?
In de scholierenonderzoeken van het Trimbos-instituut wordt ook gevraagd welke drankjes jongeren drinken. Breezers en andere voorverpakte mixdrankjes (pre-mixen) worden zowel door basisschoolleerlingen (15%) als door middelbare scholieren veel gedronken (39%). Tussen jongens en meisjes in het basisonderwijs bestaat in het breezergebruik (inclusief andere voorverpakte mixdrankjes) geen verschil, in het voortgezet onderwijs drinken meer meisjes dan jongens deze drankjes. Bier en zelf-gemixte drankjes zijn eveneens populair bij de actuele drinkers, in het voortgezet onderwijs vooral bij jongens. Wijn en puur gedronken sterke drank zijn met 14 en 9 procent in het voortgezet onderwijs de minst populaire drankjes.
bron: HBSC 2009- Gezondheid, welzijn en opvoeding van jongeren in Nederland, Saskia van Dorsselaer et al, 2010
Laatste wijziging: 18 februari 2011


